Tibet informatie

Landeninformatie Tibet

Wat zijn de gewoontes en gebruiken, hoe is het klimaat in de maand dat u vertrekt en wat zijn de hoogtepunten op het gebied van flora en fauna? Kom niet voor verrassingen te staan en lees de landinformatie.

Bevolking

Tibet is dunbevolkt, grotendeels onbewoond en nog steeds behoort bijna een kwart van de bevolking tot het nomadenvolk. Schatting van de totale (nomaden)bevolking is 2,4 miljoen, daarnaast wonen er ook nog 6 miljoen Tibetanen en 7 miljoen Chinezen in Tibet. De officiële taal is Chinees (Mandarijn), maar de meeste Tibetanen spreken echter Tibetaans. Het hoofdvoedsel van de Tibetanen is tsampa (geroosterd gerstemeel), gezouten boterthee is de nationale drank.

In Tibet wordt door het grootste deel van de bevolking de lokale stroming van het boeddhisme aangehangen: het Tibetaans boeddhisme (ook wel Lamaïsme genoemd). Ook de oorspronkelijke religie van Tibet, het Bon, heeft nog steeds aanhangers. Sinds de bezetting van Tibet door China is het boeddhisme onderdrukt en zijn vele monniken ofwel gedood, gemarteld of gevlucht.

Cultuur

De belangrijkste godsdienst in Tibet is het lamaïsme; een combinatie van het boeddhisme en een oude Tibetaanse religie. Dagelijks leven en religie zijn nauw verweven. Een belangrijk gebruik is om in de tempel linksom, dus tegen de klok in, te lopen. Rondom de belangrijkste tempel in Lhasa, de Jokhang, wordt ook linksom gelopen.

Wat betreft kunst is de godsdienst ook de belangrijkste inspiratiebron, maar er zijn ook zijn invloeden van omringende landen als India en Nepal te zien. In 1987 werd in Lhasa de eerste galerie opgezet en het werk dat daar te koop is varieert van traditionele Chinese aquarellen tot moderne kunst. Bezoek in Lhasa zeker de tapijtfabriek. Xigazê staat bekend om zijn goud-, zilver- en kopersmeden.

Flora en fauna

Tibet is een land met veel verschillende klimaten en landschappen en mede door de hoogteverschillen zijn er verschillende florazones. Hooggelegen gebieden als de Chang Tang Vlakten, zijn zo goed als kaal op enkele grassoorten na. In Centraal Tibet vind je, rond de rivieren, wilgen en wilde bloemen. Een unieke streekgebonden bloem is de tsi-tog, een lichtroze bloempje. De lagergelegen gebieden, zoals de grensstreek bij Nepal, zijn bosachtig. 

In Centraal Tibet, rond de meren, komen in de warmere maanden veel vogels voor. In het westen (op weg naar de berg Kailash) kun je herten en antilopen tegenkomen en door heel Tibet zie je Yaks, de traditionele runderen. De Yaks voorzien in bijzonder veel middelen van bestaan, zoals boter, melk, tentdoek (van hun huiden) en vlees.

Door de geologische manier van ontstaan van Tibet zijn vele natuurlijke grondstoffen aanwezig, maar de winning hiervan leidt tot grote milieuproblemen. Toch is de natuur nog steeds overweldigend. De hoogste berg ter wereld, de Qomolangma (Mount Everest) ligt op de grens van Nepal en Tibet.

Geografie

Tibet grenst aan India, Nepal, Sikkim, Bhutaan en Myanmar. De hoogste bergen van de wereld, waaronder de 8.848 meter hoge Mount Everest (Chomolungma), liggen in Tibet, dat op een plateau ligt met een gemiddelde hoogte van 4.200 meter. Het land wordt hierom ook wel het dak van de wereld genoemd. Volgens geologische begrippen is het ontstaan van dit plateau vrij recent, de bergen ontstonden minder dan vier miljard jaar geleden, waardoor ze tot de jongste ter wereld behoren. Tibet staat bekend als een van de hoogste en meest geïsoleerde landen ter wereld.

Een groot aantal van de belangrijke rivieren van Azië ontspringt in Tibet (Mekong, Yangtze, Salween, Brahmaputra en de Gele rivier). Er worden veel grondstoffen aangetroffen, o.a. borax, uranium, ijzer en goud en de winning van deze grondstoffen levert milieuproblemen op.

Geschiedenis

De autonome regio Tibet werd pas in 1950 door de Chinezen ingelijfd en was voordien altijd een zelfstandig land. De Tibetaanse geschiedenis begint in de 2de eeuw voor Christus, na de stichting van de Yarlung-dynastie in Centraal Tibet. Er was toen nog geen sprake van een eenheidsstaat want lange tijd werd Tibet bewoond door nomadenstammen. In de 7de eeuw werden deze door koning Songsten Gampo verenigd tot een politieke eenheid. Deze koning huwde twee prinsessen: één uit Nepal en één uit China. China's claim op Tibet wordt onder andere op dit huwelijk teruggevoerd.

Het boeddhisme kreeg in de 10de eeuw vaste voet aan de grond, waarna het land traditioneel geregeerd werd door de Dalai Lama, een priesterkoning. De Dalai Lama werd zowel religieus als politiek leider, waardoor Tibet een theocratische staatsvorm kreeg, gebaseerd op opvolging door reïncarnatie. De Tibetanen beschouwen de Dalai Lama als onsterfelijk. Wanneer hij dood gaat, verhuist zijn ziel naar een ander lichaam. Dat gebeurt altijd in het lichaam van een kind. Dit verhuizen wordt "reïncarnatie" genoemd.

De Dalai Lama gelooft in het boeddhisme, een geloof dat het doden van elk leven, hoe klein ook, verbiedt. Ook het kleinste diertje mag niet platgetrapt worden, wat een hele mooie levenshouding is, maar voor soldaten niet zo geschikt. Dat bleek, toen het oppermachtige Chinese leger Tibet binnenviel en het land snel een legertje moest vormen. De 8.000 mannen die wilden vechten waren voor de Chinezen totaal geen partij. Voor de Dalai Lama zat er toen niets anders op dan te vluchten naar Dharsamsala, een klein bergdorpje in India.

Voordat Tibet door China werd ingepikt, bezat het land meer dan 6.000 kloosters. Het grootste klooster, met meer dan 10.000 monniken, was Drepung, even buiten Lhasa. Na de Chinese inval in 1950 werd het enorme klooster, net als 6.000 andere, met de grond gelijk gemaakt. De Chinezen vonden dat de Tibetanen veel te veel tijd besteedden aan bidden en niet genoeg werkten om Tibet rijk en welvarend te maken. Tegenwoordig is een klein deel van het Drepung klooster herbouwd en er wonen nu nog 700 monniken, want meer mogen er van de Chinezen niet in.

Na de Tibetaanse opstand in 1959 week de huidige Dalai Lama uit naar India en hij reist nu de wereld rond om de Tibetaanse zaak te bepleiten. Behalve in Tibet, is het boeddhisme in heel China het belangrijkste geloof. Het Tibetaanse boeddhisme, ook wel Lamaïsme genoemd, is echter een aparte variant en kent nog veel elementen uit het zeer oude Bön-geloof dat hier beleden werd.

Tussen 1966 en 1976 woedde de Culturele Revolutie, die in Tibet een nog veel destructievere uitwerking had dan in de rest van China. Duizenden Tibetanen werden vernederd, mishandeld, gevangen genomen en geëxecuteerd. Na 1979 volgde een meer liberaal beleid in Tibet en de ergste excessen werden teruggedraaid en kwam er meer ruimte voor religieuze vrijheid.

Klimaat

Het klimaat in Tibet wordt grotendeels bepaald door de uitzonderlijke (gemiddelde) hoogte van 4.200 m en de ligging in de regenschaduw van de Himalaya. De winters zijn zonnig en droog, maar bitter koud, de zomers zijn het warmst, maar de kans op bewolking en neerslag is dan merkbaar groter. ‘s Nacht kan het, ongeacht de tijd van het jaar, flink koud worden en de koudste maanden zijn december, januari en februari en dan kan reizen erg moeilijk worden door enorme sneeuwval.

De beste perioden voor een reis naar Tibet zijn mei en september/oktober. Het regenseizoen is in juli en augustus. De gemiddelde temperaturen schommelen tussen min 18 en 3 graden (januari) en tussen 7 en 19 graden (juli). Het regenseizoen wil niet zeggen dat het onafgebroken regent, maar er vallen zo nu en dan buien, die kort en hevig zijn.

Politiek

Het Tibetaanse koninkrijk is sinds 1950 bezet door China. Eind 1949 viel het Chinese Volksleger het land binnen, vernietigden vele honderden kloosters en nam de controle over het land over. Hierbij vielen vele duizenden doden. Eén van de voornaamste redenen hiervoor was dat China in de periode 1940-1950 bang was dat Engeland zou proberen vanuit India Tibet binnen te vallen, wat een dreiging voor China zou betekenen. Maar een andere (achterliggende) reden was ook dat het land veel natuurlijke grondstoffen bezit, die momenteel door China gemijnd worden. Natuurlijk was ook de verspreiding van het communisme en de zgn. “bevrijding” van het Tibetaanse volk van hun slaafdom aan de heersende klasse (landeigenaren en kloosters) een reden voor China om Tibet binnen te vallen.

China noemt Tibet een autonome regio binnen de Chinese volksrepubliek. De Tibetanen beschouwen de Dalai Lama als hun geestelijke en wereldlijke leider, maar hij is in ballingschap in het buitenland. De Dalai Lama heeft tijdens zijn ballingschap in India altijd het gebruik van geweld door de Tibetanen afgezworen en kreeg mede hierdoor in 1989 de Nobelprijs voor Vrede.

De kloosters in Tibet zijn sociale centra van lering, studie en praktijk. In het verleden was Tibet een onafhankelijk land, dat ooit ook controle over China bezat. Alhoewel de Chinezen zeggen dat Tibet altijd al een deel van China is geweest, heeft Tibet een eigen cultuur, met een andere religie (het Tibetaans of Vajrayana boeddhisme).

Fysiek zien Tibetanen er ook anders uit dan de Chinezen, want het gestel van de Tibetanen is aangepast aan het leven op grote hoogten, waar zij geen problemen mee ondervinden. Chinezen daarentegen hebben moeite met de grote hoogte van Tibet en gaan over het algemeen gesproken één keer per jaar naar hun familie in China terug om te recupereren. Vanaf 1900 kwamen er verschillende buitenlanders naar Tibet, wat een (langzaam) proces van sociale en technologische vernieuwing op gang bracht.

In de laatste 10 jaar zijn er enkele kloosters herbouwd, maar dat is voornamelijk om een goede indruk te wekken bij toeristen en tegenover de internationale gemeenschap. In plaats van de oorspronkelijke duizenden monniken wonen er nu slechts een handje vol en de monniken die er wonen worden in vele essentiële aspecten van hun leven beperkt door regels vanuit Beijing.

Het is ze onder andere verboden een foto van de Dalai Lama te bezitten, om te veel met de buitenlandse toeristen te praten of om kritiek te uiten op de bezetting van Tibet door China of de manier waarop Tibetanen door China behandeld worden.
Terug naar boven